GMF- frontaal 2

Ik schrijf dit jaar een rubriek voor Frontaal, het tijdschrift van het Gents Milieufront.

Ze vroegen me dit omdat ik vanuit Kopenhagen waarschijnlijk een interessante kijk kan bieden op hoe een grote stad omgaat met uitdagingen op vlak van mobiliteit, milieu, voeding, milieu en stadsontwikkeling. 

 

Waarom ik ‘ja’ zei op hun vraag?

 

  • Omdat het Gents Milieufront een relevante organisatie is die een kritische en constructieve vinger aan de pols houdt van de stad Gent. Voor amper vijf euro (I know, hoe kan dit zelfs?) ben je lid, draag je een steentje bij en krijg je allerlei interessante kortingen. En je ontvangt dus ook vier keer per jaar Frontaal. In één moeite een vriendelijke oproep aan alle Gentenaren die nog geen lid zijn: gewoon doen!
  • Omdat Iris van het GMF me dit heel vriendelijk vroeg en ik ooit leuk met haar samenwerkte bij een vorige werkgever.
  • Omdat Kopenhagen een interessante stad is, en ik er dankzij die stukjes voor Frontaal ook zelf meer over te weten kom.

 

Hieronder kan je het eerste artikel dat ik voor Frontaal schreef nog eens nalezen. Het thema? Fietsen in de stad – what else ;).

 

Fietsen als levensstijl

We wonen in het hartje van Kopenhagen. De kleine kasseistraatjes met kleurrijke gevels en de halfkelders waarin gezellige koffiebars, bruine cafés en eethuisjes verscholen zitten, vormen ons dagelijkse decor. Een decor waar we ons voornamelijk per fiets in voortbewegen, zij aan zij met enkele duizenden Denen die elke dag aan vrij pittige snelheid door hun hoofdstad peddelen.

Er heerst hier geen ‘fietscultuur’

Fietsers zijn hier koning. Nochtans heeft Kopenhagen objectief gezien allesbehalve de omstandigheden mee om een fietsstad te zijn: overal kasseien, stadsdelen versnipperd over kleine eilandjes, talloze brede waterlopen en een bedroevend klimaat met veel regen, een felle wind en bijtende winterkou. Maar dat is buiten de rationele Deen gerekend. Die ondervindt aan den lijve dat je in deze stad het snelst van punt A naar punt B geraakt per fiets. Fietsen is dus geen subcultuur, geen statement, geen snobactiviteit of wereldverbeteren maar gewoon een functioneel gegeven. Ze praten niet over ‘wij fietsen’. Ze doen het gewoon.

Consequent kiezen

Ook het stadsbestuur heeft de efficiëntie van de tweewieler al jaren begrepen. En zo zien we dat de fiets als belangrijkste vervoermiddel zowel top down als bottom up wordt aangemoedigd in een vrij zeldzame eensgezinde synergie tussen burgers en overheid.

Bij nieuwe projecten voor stadsaanleg weten stadsplanners het stadsbestuur keer op keer te overtuigen om te kiezen voor de fietsvriendelijke optie. Ze becijferen immers, naast alle logische economische factoren zoals de kostprijs en de impact van het project op de verkeerssituatie, ook een pak andere, minder voor de hand liggende parameters.

Rationeel lijstje

Zo worden bijvoorbeeld de kostprijs per kilometer (autoverkeer versus fietsverkeer) en de uitstoot per kilometer (autoverkeer versus fietsverkeer) van de bijkomende wegen in een nieuw bouwproject in rekening gebracht. Ook de algemeen betere gezondheid (fysiek en mentaal), het hogere concentratievermogen van fietsers versus autobestuurders en de betere leefkwaliteit in een stad met veel fietsers calculeren ze mee in, factoren die flink doorwegen op de ziektekosten voor de overheid. Dat in het rationele en efficiënte Denemarken dit soort factoren worden meegerekend, wijst erop dat ze ook een reële impact hebben op de maatschappij. Voor ons is dit verfrissend langetermijndenken een inspirerend voorbeeld van hoe het ook kan.

Een lap asfalt en gladde kasseien

Dat het soms niet zoveel moeite vergt om een stad aan te passen aan de fiets als hoofdvervoermiddel, merk je als je hier regelmatig fietst. Vooraf was ik bang voor het schrikbeeld van een te afgelikte, perfect cleane, kunstmatige stad waar brave burgers keurig in de rij lopen en alle regeltjes volgen. Maar die angst bleek al snel ongegrond: ook hier lossen ze obstakels als hoge borduren op met een lap asfalt (maar dan wel consequent bij élke drempel waar fietsers passeren) en ook hier is de verf van het fietspad al eens afgebladderd. Maar het fietspad is wel even breed als een autorijstrook (en dat in beide richtingen), kruispunten zijn goed uitgekiend met aparte verkeerslichten voor fietsers, er zijn voorsorteerstroken voor fietsers die verderop van richting veranderen en de Denen gebruiken bijhorende handsignalen om het fietsverkeer vlotjes te laten verlopen, er staan schuin geplaatste vuilnisbakken langs het fietspad om al rijdend je verpakking in te mikken, in de binnenstad worden kasseistraten onopvallend voorzien van een fietsstrook met gladdere kasseien, …

Bakken geld

Naast de relatief eenvoudige ingrepen in het straatbeeld is overduidelijk te zien dat de stad bakken geld pompt in een écht fietsvriendelijk beleid: fietsbruggen om u tegen te zeggen, 454 kilometer fietspaden doorheen de hele stad, een parkje waar verkeerssituaties nagebootst zijn om kinderen te leren fietsen, een netwerk van elektrische stadsfietsen dat dagelijks goed onderhouden wordt, de aanleg van vier (en in 2018 zijn ook de volgende twaalf af) fietssnelwegen vanuit andere gemeenten naar de hoofdstad, … Ze zoeken hier continu naar manieren (en middelen) om de fiets nog aantrekkelijker te maken als vervoermiddel. En ook koning auto vaart er wel bij, gezien de files in de stad aanzienlijk verminderen.

Bakfiets? Niet voor bobo’s

Mensen met een auto leggen zich erbij neer dat ze niet pal voor hun voordeur kunnen parkeren, maar dat ze een plaatsje moeten zoeken op grote parkings verderop. De bakfiets is voor velen dan ook hét transportmiddel om hun boodschappen, werkmateriaal, partner, collega, oma, hondjes, kinderen of een compleet soundsystem mee te vervoeren. Kantoren in de binnenstad laten hun medewerkers op mooi ogende bedrijfsfietsen naar meetings aan de andere kant van de stad fietsen, dat is immers efficiënt en biedt die bedrijven een grote visibiliteit in de binnenstad. Op de metro en de trein kan je je stalen ros overigens gratis meenemen, een service waar gretig gebruik van wordt gemaakt.

Maar een fietscultuur? Nee hoor!

 

Feiten over fietsen in Denemarken

 

  • Elke 1200 km die gefietst wordt, zorgt gemiddeld voor één ziektedag minder.
  • Grootstad Kopenhagen schat dat het een miljoen minder ziektedagen per jaar heeft, dankzij haar fervent fietsende inwoners.
  • Voor elke gefietste kilometer bespaart Denemarken €0,8. Met 5,7 miljoen Denen die gemiddeld 1,5 km per dag afleggen, levert dit de staat dagelijks €6.840.00 En dat is een conservatieve schatting.
  • Het aanleggen van één kilometer fietspad kost tot 100 keer minder dan de aanleg van één kilometer snelweg.

 

*Bron cijfers: the Cycling Embassy of Denmark